Recensie: Zwarte Woud Forever

●●●●● 

ZWARTE WOUD FOREVER

VAN EN DOOR SUZANNE GROTENHUIS

Door RiRo, gezien 26 november 2013

De Nederlandse actrice Suzanne Grotenhuis studeerde af aan het Herman Teirlinck Instituut in Antwerpen. Dit seizoen speelt ze onder andere in de herneming van Scènes uit een huwelijk van Toneelgroep Amsterdam. In december vorig jaar, nog net voor het einde van de wereld op 21 december 2012, deed ze haar monoloog Zwarte Woud Forever in Turnhout. Nu, een jaar later, tijdens Jonge Harten, is die prachtige locatievoorstelling voor het eerst in Nederland te zien.

Als we, allemaal met een Noorse trui om ons heen geslagen, een plaats hebben gevonden in de koude Groningse kerk, begint Grotenhuis met een beschrijving van wat we zouden zien aan decor als er niet die vervelende stroomstoring zou zijn. Met die beschrijving neemt ze het publiek al meteen volledig voor zich in. Niet in de laatste plaats door haar ontwapende vertelstijl. De global warming en het einde van de wereld zijn daarna weliswaar steeds het vertrekpunt, maar steeds ook komt er een relativering. Waarbij ze met behulp van haar verfijnde mimiek op een subtiele manier humor en ontroering afwisselt.

Fraai hoe Grotenhuis ons er regelmatig aan herinnert hoe koud we het eigenlijk hebben hier in de kerk. En ook dat dan meteen weer relativeert. Bijvoorbeeld door een beschrijving van het leven in Jakoetsk in Siberië. Waar het zo ontzettend koud is dat het van het hoofd rukken van iemands muts al een moordaanslag is. Heel sterk ook is haar verhaal over de aanschaf van 150 biologische kerstbomen bij Patrick. En niet te vergeten de hilarische, en toch ook weer relativerende, belevenissen tijdens haar pelgrimstocht naar Santiago de Compostella.

Tegen het einde van de voorstelling bespreekt Grotenhuis wat er zoal in een survival kit voor 72 uur zou moeten zitten. Voor als we alleen nog in het Zwarte Woud kunnen overleven omdat Nederland onder water staat. Dan bedenkt ze zich. Ze wil toch maar liever een pakket voor twee voor 36 uur. Uiteindelijk prevaleert dus de liefde. Met haar perfect getimede spel heeft Suzanne Grotenhuis ons in zeventig minuten van het doemdenken weer naar het licht geleid, van de kou naar een hartverwarmende ontknoping.

Zwarte Woud Forever is van het begin tot het eind een even grappige als ontroerende monoloog. En een dramaturgisch ijzersterk opgebouwde voorstelling. Wat een talent!

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Zwarte Woud Forever



Recensie: Badke

●●●●○

KVS, LES BALLETS C DE LA B, EN A.M. QUATTAN FOUNDATION

BADKE

Door RiRo, gezien 23 november 2013


De choreografen Koen Augustijnen en Rosalba Torres Guerrero en de dramaturge Hildegard De Vuyst werkten drie maanden met tien jonge Palestijnse dansers aan deze productie. Eerst een maand in Ramallah, daarna twee maanden in Brussel. Badke is een woordspeling op de traditionele, in Palestina populaire, dabke, gedanst door gasten op bruiloftsfeesten. De tien jonge dansers in Badke hebben hun achtergrond in allerlei verschillende dans- en bewegingsvormen, van hedendaagse dans tot hiphop en circus.

Badke is een voorstelling waar je vooral blij van wordt. Al is het alleen al vanwege de muziek: een live-opname van Nasar Al-Fares en zijn ballroom orkest, weldadig opzwepend en heel aanstekelijk. Af en toe hoor je, als een integraal aspect ervan, de stem van Al-Fares zelf, als een soort rapper. Hij verwelkomt dan bijvoorbeeld nieuwe bruiloftsgasten. Of doet huishoudelijke mededelingen als 'wil de eigenaar van de Mitsubishi Jeep zijn voertuig verplaatsen.'

Je wordt ook blij van Badke omdat de dansers voortdurend met een glimlach op hun gezicht heel energiek in beweging zijn. Waarbij het lijkt alsof ze regelmatig improviseren, terwijl we weten dat er wel degelijk een strakke choreografie is. Steeds beginnen de tien als collectief, in een lijn, zoals gebruikelijk bij de dabke. Maar steeds ook gaat het allerlei kanten op. Zodat je op een gegeven moment zelfs een mannelijke danser een buikdans ziet uitvoeren. In duet met een breakdancer.

Natuurlijk is er niet alleen maar vrolijkheid, de werkelijkheid van Palestina dringt zich af en toe op. Ineens is er geen licht. En geen muziek. Door plotselinge stroomuitval. Verweesd staan de dansers in het donker te wachten tot dat probleem is opgelost. Dan besluit een van hen met zijn handen drummend op een plastic vat zelf maar een ritme in te zetten. Iedereen komt weer in beweging. De glimlach verschijnt weer. Waarna enige tijd later, even plotseling als het uitviel, het licht weer aangaat. En de muziek weer uit de luidsprekers komt.

Tot nu toe is Badke alleen in Europa te zien geweest, nog nooit in Palestina of de Palestijnse Gebieden. De bedoeling is dat dat in het voorjaar van volgend jaar gaat gebeuren.

Ik vind het een voorstelling van hoog niveau. De staande ovatie en het gejuich na afloop waren wat mij betreft volkomen terecht.

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: KVS

Recensie: Who run the world

●●○○○  

STEPHANIE LOUWRIER & DARIA BUKVIC

WHO RUN THE WORLD

Door RiRo, gezien 23 november 2013

Stephanie Louwrier (1986) deed de opleiding Theatraal Performer van de Toneelacademie Maastricht en studeerde daar in 2010 af. Meteen daarna had ze succes op de Parade met de solo’s Pauvre Lola en Amazing Grace. Daria Bukvić (1989) studeerde in 2011 af aan de regie-opleiding, ook van de Toneelacademie Maastricht. Nu werken ze voor het eerst samen.

In de solovoorstelling Who run the world, die op het Jonge Harten Theater Festival in Groningen in première is gegaan, onderzoekt Louwrier het beeld dat hedendaagse jonge vrouwen van zichzelf hebben. Ze doet dat vanuit verzet, sterker nog, vanuit haat tegen mannelijke dominantie. Om dat te illustreren laat ze in de foyer al fragmenten zien uit James Bond films. Fragmenten waarin deze held uiterst onzachtzinnig met vrouwen omgaat.

Louwrier begint haar solo in cabareteske stijl. Ze opent haar zinnen met 'weet je …', en richt ze zich nogal eens tot een individuele toeschouwer op de eerste rij. Via een heel fysieke en beeldende act, waarin ze als Miss Europa over het toneel dendert, eindigt ze ingetogen en contemplatief. 's Morgens, onopgemaakt, kijkend in de spiegel van de badkamer, overtuigt ze zich ervan dat ze mag zijn zoals ze is.

In deze solo van iets minder dan een uur zitten nogal wat stijlbreuken in de theatrale middelen die ze inzet. Dat doet ze opzettelijk. Maar het helpt niet echt om er een overtuigende voorstelling van te maken. Dertien mannen schreven mee aan de tekst. Ook dat, zoveel verschillende invloeden, is niet bevorderlijk voor de eenheid. En dan was er ook nog, naast de regie van Daria Bukvić, de coaching door Ko van den Bosch.

Aan de reacties van het publiek is te merken dat Louwrier voor jonge vrouwen herkenbare situaties en gevoelens verbeeldt. Ik ben geen jonge vrouw. Wat ik in de voorstelling mis, is een heldere dramaturgische lijn, en ik heb moeite met de verschillen in theatrale vorm waarin ik geen overkoepelend idee kan ontdekken. Ze heeft ontegenzeggelijk lef, Stephanie Louwrier. Dus daarom ben ik toch wel nieuwsgierig naar haar volgende project.

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Jonge Harten

Recensie: Todo el cielo sobre la tierra (El síndrome de Wendy)

●●●●○


ATRA BILIS TEATRO / ANGÉLICA LIDDELL 

TODO EL CIELO SOBRE LA TIERRA (EL SÍNDROME DE WENDY)

 

Door RiRo, gezien 15 november 2013

Theater, performance, live muziek, dans. Documentair, maar ook schaamteloos persoonlijk. In het Spaans, Mandarijn, Noors, Engels en Nederlands. Waarin in het begin van de voorstelling dichtregels van William Wordsworth herhaaldelijk terugkomen: 'splendor in the grass' en 'glory of flowers'. En later, vooral in het derde deel, steeds weer de instrumentale versie van de traditional The House of the Rising Sun te horen is, die vooral bekend werd door de versie van The Animals uit 1964.

Wendy is het personage dat Peter Pan meeneemt naar zijn eiland Neverland. Maar hier in de voorstelling is Wendy op een ander eiland, op Utoya, het eiland waarop in 2011 Anders Breivik 69 jonge mensen doodde. Peter Pan was het kind dat niet volwassen wilde worden, Utoya het eiland waar jongeren, kinderen nog, door de moordzucht van Breivik niet volwassen mochten worden. En Wendy?

Wendy is alleen, eenzaam. In het eerste deel van deze tweeënhalf uur durende voorstelling, het deel dat speelt op en rond het Noorse eiland van de jeugdige liefde, is ze alleen met haar liefde. Was Wendy in het oorspronkelijke verhaal het symbool van onschuld, nu leeft ze zich uit in (solitaire) seks. Want echte liefde is altijd seksueel, stelt ze uitdrukkelijk.

In het tweede deel, in Shanghai, bij het bejaarde paar dat, begeleid door een uit acht musici bestaand ensemble, walsen dansend zijn jeugd probeert vast te houden, is ze behalve alleen ook anoniem. En in het derde ongenadige, misantropische deel, in de monoloog van ruim een uur over vooral haar haat tegen haar moeder, haat tegen moeders in het algemeen, schreeuwt Wendy, schreeuwt Liddell, haar existentiële eenzaamheid uit. En masturbeert in de wc van een warenhuis om weer te kalmeren.

Vooral in dat laatste rauwe deel zoekt Liddell de grenzen op. Een woedende en woeste tirade is het. Over haar jeugd, over haar opvoeding, over de pijn die ze daardoor als volwassene met zich mee moet dragen. Tergend is die monoloog af en toe, omdat Liddell steeds weer de indruk wekt naar een einde toe te werken, maar dat dan niet doet. Maar het is vooral fascinerend. Door de rauwe, felle vorm, en door het denderende maar uitgekiende ritme van zowel haar taal als van haar bewegingen.

Ga voor de speellijst en voor meer informatie naar: Angélica Liddell